Osteoporose

Wat is Osteoporose?

Over deze informatie
  • Laatste update:
  • 24 januari 2018
  • Met medewerking van:
  • NVE-BoNe

Osteoporose, ook wel botontkalking genoemd, wordt gekenmerkt door een lage botmassa en een verstoorde botstructuur, resulterend in verminderde sterkte van het skelet. Dit leidt tot een verhoogd risico op fracturen (botbreuken).

Bot is levend weefsel dat continu wordt afgebroken en weer wordt opgebouwd. Bij osteoporose is de balans tussen op- en afbouw verstoord en neemt de botmassa af. De botten worden hierdoor poreus en kwetsbaar. Door het gebrek aan stevigheid breken de botten veel sneller en herstellen ze veel langzamer. Veel voorkomende breuken zijn die van de pols, de wervels en de heup. Met name breuken van de heup en de wervels kunnen verstrekkende gevolgen hebben voor ouderen.

Osteoporose wordt vooral op oudere leeftijd gezien omdat met het ouder worden de botstructuur verandert en botdichtheid afneemt. Dit treedt vooral op na het vijftigste levensjaar. Gedurende de eerste 20 jaar van uw leven bouwt u botmassa op. Daarna neemt de botmassa geleidelijk weer af.
Afhankelijk van de maat van afname van de botmassa spreken we van osteopenie of osteoporose. Osteopenie is een voorloper van osteoporose, waarbij de botdichtheid wel minder is dan normaal, maar nog niet zo laag is als bij osteoporose. Op latere leeftijd krijgt bijna iedereen te maken met osteoporose. Het komt bij vrouwen vaker voor dan bij mannen, vooral na de overgang. Ook jonge mensen kunnen osteoporose krijgen.

Botontkalking hoort bij het ouder worden, maar kan ook andere oorzaken hebben. Zo treedt het mogelijk op bij reuma, bij bepaalde darmziekten of bij een verstoring van het hormoonsysteem. Maar het kan ook een gevolg zijn van een behandeling tegen kanker. Daarnaast hebben sommige mensen een erfelijke aanleg voor osteoporose en kan het daardoor vroeger ontstaan en ernstiger zijn.

Onderzoek & diagnose

Omdat osteoporose op zichzelf geen klachten geeft, wordt de diagnose meestal pas gesteld nadat er door verzwakking van het bot een botbreuk is opgetreden. Daaronder valt ook de bij osteoporose veel voorkomende wervelbreuk (ook wel een wervelinzakking genoemd). Dit kan gepaard gaan met veel rugpijn, maar vaak wordt een wervelbreuk min of meer bij toeval op een röntgenfoto gezien. Ook heupbreuken komen relatief vaak voor bij osteoporose en kunnen tot veel invaliditeit leiden. Door bijkomende problemen rondom een gebroken heup is er een verhoogde kans op overlijden. Juist bij mensen van 50 jaar of ouder en speciaal bij vrouwen na de overgang dient daarom bij het optreden van een botbreuk onderzoek gedaan te worden naar een mogelijke onderliggende osteoporose.

Bij dit onderzoek wordt een inventarisatie van risicofactoren (bijvoorbeeld een eerdere botbreuk, erfelijke aanleg, gebruik van corticosteroïden), een botdichtheidsmeting (met een DEXA-scanner), eventueel een röntgenfoto van de wervelkolom en eventueel bloed (en urine -) onderzoek gedaan om de diagnose te stellen en mogelijke onderliggende aandoeningen uit te sluiten.

Op basis van deze gegevens zal de behandelend internist-endocrinoloog danwe lkinderarts-endocrinoloog, beoordelen of behandeling met medicijnen nodig is om de kans op nieuwe botbreuken te verminderen

Behandeling

De behandeling bestaat uit leefstijladviezen en medicijnen, waaronder vitamine D, kalktabletten, bisfosfonaten (tabletten of infuus) en denosumab (injecties). Uw behandelaar kan u hier meer over vertellen.